Gele rijst met nog wat…

Posted on 8 november 2010

2


Aanstaande vrijdag komen mijn ex-collega’s bij ons eten. Ik bedoel mijn ex-NEPROMcollega’s. Als allochtoon heb je vooral veel ex-werkgevers en daardoor ook veel ex-collega’s. Voordat je weet zit je met een dozijn exen waarmee je zelfs een bedrijf kan beginnen, een innovatief bedrijf. Het zijn wel allemaal lieve exen hoor, begrijpt u me niet verkeerd. Ik weiger alimentatie van hen te ontvangen, daarom is de relatie ook zo goed!

Het is niet de eerste keer dat ik ex-collega’s uitnodig om te komen eten, dat zult u wel begrijpen. Wij allochtonen zijn loyaal aan de gewoonten van onze  afkomst en om die reden hebben we ook vaak een dubbele nationaliteit. Maar nu wil ik het niet nog een keer over die nationaliteiten, dubbele paspoorten en dergelijke hebben. Een keer in de twee jaar moet voldoende zijn.

Ik wil het nu graag hebben over mijn overpeinzingen over welk Perzisch gerecht ik mijn ex-collega’s vrijdag voor moet zetten. Ze waren vorig jaar ook te gast bij ons, maar toen als toekomstige collega’s. Het probleem is dat ik niet meer weet wat ik toen voor hen gekookt had. Met zoveel ex-collega’s kan het ook niet anders. Ik besloot het aan henzelf te vragen, maar ze wisten alleen dat het toen lekker was en iets met gele rijst of zo. Daar schiet je erg veel mee op als Iraanse- afkomstig uit een rijstetend volk- met dubbele nationaliteit. Ook met het woord “lekker” schiet je erg op. Autochtone Nederlanders zullen nooit zeggen dat het eten vies is, al zet je ze stamppot couscous voor. Dat hebben ze te danken aan hun calvinistische traditie. Het mogen eten is Gods gunst die je niet mag afwijzen. En genieten mag je al helemaal niet, wat zeur je dan!
Ook dit heb ik geïnternaliseerd – duur woord voor eigen gemaakt – als allochtone Nederlander. Ik eet alles wat mijn echtgenoot kookt- van die keren dat hij eten klaarmaakt- als het maar geen gekookte wortels, gebakken zalm of zoetzure Chinese gerechten zijn. Het valt mee hé, wat ik als niet-calvinist en ex-moslim niet lust. Rechts zal zijn vingers erbij aflikken!

Over rechts gesproken. Om mijn vingers erbij af te bijten – links moet er de vingers bij afbijten als rechts die aflikt – wierp ik een blik op het regeerakkoord en ook gedoogakkoord waar onze premier zo trots op was. Natuurlijk bladerde ik door de hoofdstukken totdat ik bij het meest interessante, bekende en omstreden immigrantendeel kwam. Ik had natuurlijk gehoopt dat rechts maatregelen zou nemen om allochtone bevolking eerder aan het werk te krijgen. Tevergeefs! In het gedoogakkoord stond: ‘Het kabinet beëindigt het diversiteits/voorkeursbeleid op basis van geslacht en etnische herkomst. Selectie moet plaatsvinden op basis van kwaliteit.’
Op zich een opendeurtje, alleen zijn ze vergeten iets te schrijven over hoe je, als allochtoon en ook als vrouw, die “kwaliteit” erkend krijgt. Misschien goed ook, anders zouden allochtonen niet zoveel ex-collega’s kunnen hebben. Er moet bovendien iemand zijn die al die tijdelijke klusjes wil klaren. Van hun geslacht kunnen allochtone vrouwen het net zo min hebben, volgens het gedoogakkoord. Dan maar achter het aanrecht! Dat recht kan ze gelukkig niemand afnemen. Misschien goed ook, anders wist niemand hoe lekker gele rijst met nog wat zou zijn.

Inmiddels weet ik wat ik vorig jaar voor mijn ex-NEPROMcollega’s gekookt heb. Een gerecht met aubergines, naast kippenpootjes en inderdaad gele rijst. Dat stond in de mail die ik net van mijn ex-collega en kamergenote ontving. Toch indruk gemaakt, één  iemand weet nog wat wij toen gegeten hebben. Eindelijk erkenning voor mijn kwalificaties!

8 november 2010